 |
BEZOEK
Een bezoek aan de Grot van Dargilan boeit vawege haar indrukwekkende afmetingen en haar veelzijdigheid aan druipsteenformaties in levendige natuurlijke kleuren.
De natuurlijke ingang, ontdekt in 1880 door een herder die een vos achtervolgde, doet niets vermoeden van de omvangrijke zalen, die de bezoeker staan te wachten. Dit ondergronds netwerk, in 1888 ontgonnen door Edouard Alfred Martel en in 1890 voor de eerste maal aangepast voor bezoekers, maakte in Frankrijk van Dargilan de eerste grot geopend voor publiek.
Dargilan, staat voor veelzijdigheid.
Allereerst wordt U verrast door een enorme zaal met een 60 meter dikke laag van ineengestrengelde rotsen.
In deze chaos, glinsteren talrijke stalagmieten in allerlei vormen en maten in stadium van groei. Aan het gewelfde plafond hangt een grote verzameling van stalagtieten.
Ten zuiden bevindt zich een kleinere, rijk gedecoreerde zaal met een reeds gevormde mooie zuil. Het bezoek wordt voortgezet door het bed van wat voorheen een onderaardse rivier was langs een opeenvolging van gevarieerde en rijk gedecoreerde zalen.
Hier, laat water met veel geduld haar kalklaagje achter. Water en tijd creëren hier als een beeldhouwer indrukwekkende zuilen met de 'klokketoren' als meesterstuk. Het langs de wanden stromende water heeft wonderbaarlijke draperijen achtergelaten, ook wel 'olifantsoren' of 'betoverde watervallen' genoemd.
Dargilan, de 'rose' grot op de Causse Noir.
Een mengsel van jjzer-oxide en organische componeneten aanwezig ter plaatse in de bodem geeft aan de druipsteenformaties zeer gevarieerde kleuren.
Het resultaat is een verbazingwekkende opeenvolging van oker-, geel-, safraan en rose-tinten.C’est une succession étonnante d’ocres, de jaunes, de safran et de roses.
Zo heeft de grot, in volledige donkerte sinds haar onstaan, haar droom van een ondergaande zon gerealiseerd.
|